Boek

DE WEG NAAR ERZHEY

De weg naar ErzheyZijn goedbetaalde baan biedt hem weliswaar de gelegenheid als een goddeloos heerschap te leven, maar de geneugten worden alsmaar meer overwoekerd door gevoelens van onvrede.
Hij besluit te vertrekken naar Moskou, met het excuus daar Russisch te willen studeren, in werkelijkheid vooral om zichzelf te herontdekken. Geen eenvoudige opgave, want ook in Moskou geeft hij zich met graagte over aan de oppervlakkige verleidingen die de stad voor hem te bieden heeft.
Dit verandert wanneer hij een Moskouse dame ontmoet, op wie hij halsoverkop verliefd wordt. Zij kiest echter voor haar carrière en laat hem in eenzaamheid achter, waarop hij beslist te vertrekken naar onbekendere oorden. Tal van Russinnen en een enkele Rus nemen hem op sleeptouw en tonen hem de variëteit van dit immense land.
De drang naar de grote stad doet hem terugkeren naar Moskou, waar hij in een relatie belandt, waarin liefde, onbegrip en haat elkaar met onregelmatige tussenpozen afwisselen. Zich realiserend dat deze verhouding gedoemd is te mislukken, besluit hij wederom te vertrekken.
Nabij het Bajkalmeer, ontmoet hij Ksusha, een Russisch spiegelbeeld van hemzelf. Wanneer hij samen met haar de Oudgelovigen bezoekt in Erzhey vindt hij zelf het antwoord hoe om te gaan met de alledaagse werkelijkheid.

DE WEG NAAR ERZHEY, HOOFDSTUK 1

Pas toen de trein stil stond op het station van Brest sprak ik hem aan, tot dat moment hadden we al die uren zwijgzaam tegenover elkaar gezeten. In gedachten verzonken staarde hij langdurig uit het raam de donkere nacht in, of blikte met holle ogen in het luchtledige. Een enkele keer glimlachte hij, vaker keek hij bedroefd of zorgelijk. Ik wilde hem vragen naar het waarom, al voelde ik dat het overbodig was. Zonder precies te weten wat zich in zijn hoofd afspeelde, kende ik immers het antwoord al. Zijn gelaatstuitdrukkingen waren als een spiegel van mijn eigen gedachten, die bij voortduring heen en weer zwiepten tussen weemoed en het onbestendige gevoel dat past bij nieuwe avonturen.
‘Mag ik een sigaret van je roken’, vroeg ik aan hem, naar het pakje wijzend dat sinds het begin van de reis onaangeroerd op het tafeltje lag.
Hij knikte en zei: ‘Laten we samen roken.’
Buiten op het perron vervolgde hij: ‘Armeense sigaretten’, terwijl hij mij een dun, zwart exemplaar overhandigde. Gretig inhaleerde ik de verstikkende rook en blies de giftige dampen de koude Wit-Russische nacht in. Met elke trek leken mijn emoties aan scherpheid in te boeten, alsof iemand ze bedekte met een warme deken. Ik vroeg een tweede, waarop hij me het hele pakje overhandigde met de woorden: ‘Hou maar, ik heb genoeg.’
Zo werden we vrienden, al wisten we beiden dat onze vriendschap slechts tot het station van Minsk zou duren. Daar, antwoordde ik op zijn vraag over het doel van mijn reis, zou ik uit de trein stappen om een halve dag door de Wit-Russische hoofdstad te dwalen, terwijl hij zijn reis zou voortzetten naar Moskou, en vervolgens naar Grozny, nog eens een slordige vijfendertig treinuren zuidelijker.
Terug in onze coupé verwoordt Abbas, zoals hij zich inmiddels heeft voorgesteld, in steenkolen Duits zijn emoties die ik eerder op zijn gezicht meende te hebben gelezen.
‘In 1995 ben ik uit Tsjetsjenië gevlucht, weg van de wreedheden die werden begaan door het Russische leger en de voortdurende lokroep van de vrijheidsstrijders mij bij hen aan te sluiten. Ik wilde wel vechten, al ging iedereen die vocht dood, maar mijn moeder smeekte me te vertrekken naar een veiliger plek. Na vele omzwervingen belandde ik uiteindelijk in Duitsland, waar ik een verblijfsvergunning kreeg en werk vond als bouwvakker. Mijn land werd in puin geschoten, en ik bouwde aan huizen in Duitsland. Vooral in het begin vond ik dat moeilijk en heb ik vaak op het punt gestaan terug te keren. Hoe kon ik helpen een vreemd land op te bouwen op het moment dat mijn eigen Grozny werd weggevaagd door Russische bommen?’

DE WEG NAAR ERZHEY, HOOFDSTUK 13

Bij terugkeer in Moskou duwde een heerschap mij een pamflet in mijn handen. In koeienletters stond erop gedrukt:
‘Speed Dating in Club B2’
Lieveheerjezus, dacht ik, kan zoiets bestaan in tijden van Tinder en ander virtueel geflirt? In iets kleinere letters las ik dat de doelgroep bestaat uit mooie en jonge vrouwen tussen 23 en 40 jaar, en succesvolle mannen tussen 35 en 49 jaar. Tegen betaling van duizend roebels zou ik donderdag aanstaande kunnen deelnemen aan dit evenement.
Irina, de gastvrouw van de avond, ziet er adembenemend uit in haar flonkerende gele baljurk.
‘Wat een sensationeel mooie vrouw’, fluister ik mijn buurman, een Zwitserse bankier gekleed in een verkreukeld linnen pak, met wie ik in afwachting op het officiële begin van de avond een obligaat gesprekje voerde over werk en Moskou, in zijn oor.
‘Zie je die ideale gelaatstrekken?’
De bankier kijkt verschrikt opzij, alsof mijn opmerking hem doet ontwaken uit een natte droom, houdt bezwerend een wijsvinger voor zijn lippen en richt zijn aandacht onverlet op Irina. Als zij het voorland is van de dames, voorlopig onzichtbaar weggemoffeld aan de andere kant van een gordijn, die ik vanavond zal ontmoeten dan gaat deze erg plezierig worden, gniffel ik in mezelf.
Irina babbelt over zeven minuten sessies, een belletje dat zal rinkelen, mannen die geacht worden zich als jagers van de ene vrouw naar de andere te verplaatsen, vrouwen die op hun stoel kunnen blijven zitten en benadrukt meerdere keren dat het vooral leuk en gezellig moet zijn.
‘Vergeet niet aan het einde van iedere zeven minuten een ‘JA’ of een ‘NEE’ op je scoreformulier in te vullen. Van al je matches ontvang je binnen 24 uur een telefoonnummer en emailadres van ons’, besluit ze haar betoog.
Een dikbuikige Rus met een cowboyhoed op en kleurrijke bretels die zijn kakibroek op zijn plek moeten houden steekt zijn vinger in de lucht en vraagt: ’Wil je met mij uit?’
‘Nee’, antwoordt ze beslist en met een geforceerde glimlach, ‘ik doe niet mee, ik ben slechts de hoeder van de tijd.’

DE WEG NAAR ERZHEY, HOOFDSTUK 17

 

 

OVER DE AUTEUR

Abraham Hulzebos, de schrijverZo’n vijftig jaar geleden werd ik geboren in het oost-Groningse Oude Pekela, alwaar ik de eerste achttien jaar van mijn leven doorbracht op een boerderij, gelegen buiten het dorp in absoluut niemandsland. De traditionele normen en waarden van mijn ouders, voornamelijk gebaseerd op het gereformeerde geloof dat zij aanhingen, vormden de basis van de opvoeding die ik kreeg. Mijn vader placht te zeggen: ‘die ‘rooien’ (waarmee hij de links stemmende meerderheid in het dorp bedoelde) zijn niet te vertrouwen, mijdt ze.’ Hij voegde de daad bij zijn woord, keerde ze de rug toe en verwachtte van mij hetzelfde.
Jeugdige nieuwsgierigheid en onvermijdelijke terloopse ontmoetingen met die ‘anderen’, maakten dat ik me al op jonge leeftijd realiseerde dat de opvattingen van mijn ouders tamelijk rigide waren. Ik wilde weten wat zich daar in het dorp afspeelde en me niet afzonderen van de alledaagse werkelijkheid. Dit was, realiseerde ik mij later, de eerste keer dat ik op een onbekend pad naar een onbekende bestemming zocht. Sindsdien ben ik hiermee niet opgehouden want al snel besefte ik me dat het dorp, hoe werelds ook vergeleken met het coconachtige wereldbeeld van mijn ouders, niet meer was dan een minuscuul vlekje op deze aarde.
Op mijn achttiende besloot ik te vertrekken en mijn heil te zoeken in Groningen, wat ik ook nu nog beschouw als een van de beste beslissingen uit mijn leven. Hier gingen de poorten der nieuwsgierigheid definitief wagenwijd open en was ik nauwelijks te stoppen in mijn zoektocht naar meer onbekende paden. Vele jaren lang combineerde ik studie – en later werk – met reizen naar elders. Met name India had in die periode een onweerstaanbare aantrekkingskracht op mij, vooral omdat de manier van leven aldaar al mijn houvast definitief richting filistijnen deed verdwijnen.
Uiteindelijk keerde ik ook Groningen de rug toe en zocht mijn heil in Brussel, waar ik bij de Europese Commissie een interessante, want internationale, baan vond. Toch bleek dit niet genoeg, omdat ik me realiseerde dat de wereld der Europese Instellingen uiteindelijk voornamelijk is gericht op behoud, het mijden van risico en stilstand. Ik wilde meer en dankzij een toevallig treffen in een Brusselse discotheek met een Russische dame uit Moskou opende zich een volkomen nieuwe wereld voor mij. Lang slaagde ik erin, mede dankzij de oprichting van mijn eigen online reisbureau, het werk bij de Europese Commissie te combineren met talrijke ontdekkingstochten door het fenomenale Rusland. Tot april 2018, toen ik besliste de Europese zekerheid in mijn leven definitief op te geven voor een ongewis avontuur, waarin het schrijven van boeken en artikelen over Rusland de hoofdrol speelt.

Abraham Hulzebos

 

Titel

De Weg naar Erzhey

Auteur

Abraham Hulzebos

Uitgever

U2pi BV

ISBN

9789087599195

Jaar van uitgifte

2020

Aantal pagina's

293

Verkoopprijs

€ 20

DE WEG NAAR ERZHEY

  • Ja, ik wil dit boek. Verkoopprijs € 20. Plezier voor € 40.